Dark Souls: Artorias of the Abyss

Geplaatst op: 23 november 2012 door Erik Dekker in Reviews
Tags:, , , , ,

Eén van de moeilijkste games van 2011 is zojuist nog een graadje moeilijker geworden. Sinds kort kunnen fans die deze heerlijke marteling een warm hart toedragen, de uitbreiding ‘Artorias of the Abyss’ downloaden voor Dark Souls. Deze DLC kent een aantal nieuwe gebieden, vijanden, bazen en uitrustingen. De charme van Dark Souls was dat onbekende wateren stapje voor stapje moesten worden gezet. Iedere verkeerde beweging zou kunnen leiden tot een keiharde dood. En daarbij ook de nodige momenten waarvan je de neiging krijgt om de controller door het raam te gooien, die vervolgens buiten weer op te pakken om die tenslotte nogmaals dezelfde behandelen zou kunnen geven. Ja, Dark Souls was mooi op een verdomd duistere manier. Ik kan je gelukkig zeggen dat ook de wereld van Artorias mij het bloed onder de nagels vandaan heeft getrokken.

Sterker nog, de weg die je moet bewandelen om überhaupt toegang te krijgen tot  de mystieke wereld Oolacile, kost je mogelijk enkele tientallen uren spelen. Je zult namelijk de Golem moeten doden die achter de beeldvullende Hydra baas zich in Darkroot Basin bevindt, om Dusk of Oolacile te bevrijden. Maar de portaal naar Oolacile ontstaat pas als je een voorwerp hebt gepakt uit de Duke’s Archives en daar kun je pas in als je door Anor Londo heen hebt gewandeld en de beruchte Ornstein & Smough koudbloedig hebt afgeslacht. Volg je het nog? Het is in ieder geval een lange weg die je moet volgen om Artorias of the Abyss te kunnen enteren. Ook ik heb een kleine tien uur vanaf de locatie van mijn huidige personage moeten spelen om in Oolacile te kunnen komen. Met liefde gedaan overigens, want Dark Souls beschouw ik als één van de beste games van deze generatie. Ja, ontwikkelaar From Software ziet graag al jouw frustraties weer naar boven komen, enkel om de verdraaide wereld van Artorias al te kunnen enteren. Een beter visitekaartje had ik niet kunnen bedenken.

Waarom wel?

Eén van de moeilijkste games is zojuist nog moeilijker geworden: In Dark Souls kun je de klok erop gelijk zetten dat je dood gaat. Het is slechts een kwestie van tijd totdat je koudbloedig wordt afgeslacht door een demoon die het niet zo hoog heeft met je. De wereld Lodran zit werkelijk vol met kwade schepsels die jouw aanwezigheid niet op prijs stellen. Het feit dat iedere voetstap die je in de game zet jouw laatste kan zijn, maakt van Dark Souls een absoluut unieke game. Eén van de meest unieke die ik vorig jaar heb gespeeld in ieder geval. Hoe blij dat ik was toen ik hoorde dat mijn oogappel een uitbreiding zou krijgen, in de vorm van Artorias of the Abyss. De uitbreiding biedt je enkele nieuwe, zeer sfeervolle gebieden die je wederom het bloed onder de nagels vandaan halen. Nieuwe gevaren in de vorm van nieuwe vijanden en bazen liggen op de loer. En niet zo’n beetje ook. Sterker nog, al in de eerste twee minuten van de uitbreiding ging ik dood. Dat terwijl ik niet eens zo’n hele slechte Dark Souls speler ben. Denk ik tenminste. De toon voor een heerlijk sadistisch avontuur is in ieder geval weer gezet.

Uiterst sfeervolle wereld: Oolacile is de naam van de wereld waar jij je in zult begeven als je de talloze nieuwe gevaren deze uitbreiding wilt trotseren. Een sfeervolle wereld die perfect past in het universum van Dark Souls. Nadat je je door de eerste gevaren heen hebt geworsteld, kom je in een gigantisch bos terecht die vol zit met bizarre, maar minstens zo dodelijke wezens. Deze mystieke plek wordt vergezeld door historische architectuur die verraadt dat Oolacile een rijkelijke historie heeft, eentje die je helemaal eigen wilt maken. Het is een wereld die net als Lodran zijn eigen karakter uitademt, evenals het brengen van een bepaald gevoel van leegte, terwijl je je te midden van hordes aan demonen bevindt. Eenzaamheid. Hoe dieper je je door de omgevingen heen worstelt, hoe duisterder de sfeer om je heen wordt. Stukje bij beetje begint het gevoel aan je te knagen dat je gigantisch hard dood zult gaan. Omdat dit Dark Souls betreft, weet je ook dat dat uiteindelijk gaat gebeuren. Alleen de vraag is wanneer? Naast de talloze vijanden – die jou stuk voor stuk dood kunnen maken – ben je geneigd om ieder hoekje en gaatje af te speuren in de hoop een veilige omgeving te vinden. Is dat even een tegenvaller als er een mistbank ontstaat die als een brugfunctie tussen jou en een beeldvullende eindbaas fungeert.

Pijnvol gebalanceerd: Als je in Dark Souls doodging, was het altijd jouw fout. De game was één van de eerste games in zijn speelveld waar ik rustig kon zeggen dat de balans uit de kunst is. Weinig tot nooit heb ik de game erop kunnen betrappen de speler een goedkope en valse aanval in het gezicht te smijten, waar je geen kans tegen had. Deze trend wordt gelukkig voortgezet in Artorias of the Abyss. Iedere vijand en baas heeft absoluut zijn eigen unieke zwaktes. Het is slechts de kunst om die te vinden, al zul je daar soms meerdere pogingen voor nodig hebben. Zo zijn de ‘Gardeners’ in het bos uiterst vervelend met hun snelheden en gedemonificeerde tuingereedschappen (ik zeg het goed), maar zijn ze kwetsbaar als ze net een aanval hebben uitgeoefend. Blijven bewegen is dus de sleutel. Ook de geesten in één van de laatste gebieden kunnen het je in groten getale flink moeilijk maken. Kunst is om jouw wapen in beide handen te nemen en de punt ervan van een afstandje te laten spreken, zonder dat ze bij jou in de buurt kunnen komen. Uniek, iets waar je ook pas na een paar keer achter zult komen.

Waar Artorias pas echt schijnt als een heldere diamant in de duisternis, dat is bij de baasgevechten. Ze zijn namelijk bloeddorstiger en meer meedogenlozer dan ooit tevoren. Al vanaf het moment dat jij door de mistdeur heenloopt, rennen ze in volle overgave op je af om jou een kopje kleiner te kunnen maken. Gezien het feit dat het gros van deze nieuwe tirannen een uiterst intimiderend verschijnsel heeft, kun je je hopelijk voorstellen dat iedere overwinning weer uiterst zoet smaakt. Het gevoel van “Fuck ja. Ik ben beter dan jij, eindbaas”. Wederom geldt de regel dat ze absoluut te doden zijn, maar dat het vinden van een zwakte soms een uiterst pijnvolle opgave is. Helemaal als een gevecht vijftien tot twintig minuten duurt. Aan de andere kant ligt daar dan ook weer de charme van de ontdekking.

Meer focus op multiplayer: De online component in Dark Souls is ook een unieke feature die je, naast Demon’s Souls, nog niet eerder bent tegengekomen in een game. Door een ‘summon sign’ neer te leggen kun je mogelijk worden opgeroepen door een speler in zijn eigen wereld, om hem vervolgens te helpen met een obstakel waar hij anders niet langs zou kunnen komen. Jouw hulpbehoevende moet echter terugkeren in de gedaante van een mens – een dure grap, die een zeldzame ‘humanity’ vereist – om jouw summon sign überhaupt te kunnen zien. Een hoog risico, die een hoge beloning met zich mee kan brengen. Hetzelfde geldt voorde competitieve kant van Dark Souls. Je kunt namelijk op talloze manieren de wereld van een andere speler infiltreren en het hem of haar knap moeilijk maken. Een heerlijk concept dat in de praktijk ook nog eens verrassend goed werkt nu. Ik zeg nu, omdat de game rond de lancering best wel werd geplaagd door connectieproblemen. Gelukkig is dat allemaal opgelost middels een scala aan patches.

Het infiltreren en samenwerken staat in Artorias of the Abyss nog steeds resoluut op de voorgrond. Voor de competitief ingestelde spelers onder ons, is er echter een extra mogelijkheid om elkaar de hersens in te kunnen beuken. Na het verslaan van Artorias, krijg je toegang tot zes portalen die jou naar een speciale Player versus Player arena teleporteren. Van één tegen één matches, tot twee tegen twee en zelfs free-for-all deathmatch: het zit er allemaal in verstopt. Blijft de vraag bestaan of je een buiging zult maken naar jouw tegenstander, een etiquette die in Dark Souls op de voorgrond staat, of meteen in de aanval zult gaan. Uiterst respectloos, maar wel een effectieve verrassingsaanval.

De nieuwe multiplayer werkt goed en is een goede toevoeging voor fans van de multiplayer in Dark Souls. Tel daarbij op dat er ook een aantal nieuwe spells te vinden zijn in deze uitbreiding, die voor een verfrissende twist in de gevechten kunnen zorgen. Dark Fog bijvoorbeeld, is een area of effect spreuk die een dodelijke gaswolk produceert en jouw tegenstander in een hoek drijft. Normaliter hoeft dat geen ramp te zijn, maar de beperking van bewegingsvrijheid, kan in Dark Souls makkelijk tot het ultieme noodlot leiden. Het is jammer dat de kleine grootte van de arena’s een aangename broedplaats is voor spelers die graag Fire Tempest gebruiken, een dodelijke vuurspreuk die de hele kamer doorgaat. Als ik echter iets heb geleerd van deze game, is dat spelers alle middelen gebruiken om te kunnen winnen.

Waarom niet?

Laat je door de speelduur verlangen naar meer: Het moge duidelijk zijn dat Artorias of the Abyss een verpletterende indruk heeft achtergelaten, letterlijk en figuurlijk. Hoe teleurgesteld dat ik was toen ik erachter kwam dat het eind van de uitbreiding al na een kleine tien uur spelen in zicht was. De intensiteit is werkelijk enorm te noemen. Omdat je door de spanning constant naar adem aan het snakken bent, raak je al snel in een bepaalde rush. Je wilt namelijk zo snel mogelijk naar een nieuwe bonfire komen, een veilige haven te midden van al die sadistische duisternissen. Toegegeven, er zijn nog een aantal zij-missies die ik ben misgelopen en goed zijn voor een aantal extra uren speeltijd, maar ik hoopte op iets meer Dark Souls in Artorias of the Abyss. Ironisch eigenlijk, aangezien een hoop hedendaagse games niet eens tien uur speeltijd bieden. Maar mijn eerste playthrough in deze game duurde al gauw een kleine tachtig uur. Kun je nagaan. Je zou kunnen zeggen dat deze meesteres mij wel onder haar spreuk heeft gekregen.

Mist achievements en trophies: In een afstraffende game als Dark Souls, zijn de achievements en de trophies natuurlijk extra moeilijk om binnen te slepen. Hoe dichter je bij de overwinning van een achievement komt, hoe harder de val zal zijn als het fout gaat. Daar ligt dan ook meteen de keerzijde van de munt, aangezien de beloning des te zoeter smaakt. Zelfs tot op heden ben ik met veel pijnlijk plezier bezig om de duizend punten binnen te kunnen slepen. Deze, eigenlijk vrijwel nutteloze, extra’s geven je net dat ene beetje extra doorzettingsvermogen om verder te vechten. Een briljant concept, al zeg ik het zelf. Des te meer teleurgesteld dat ik was toen ik erachter kwam dat nieuwe achievements moeten schitteren door afwezigheid met de komst van Artorias of the Abyss. Een kleine moeite is het om nieuwe punten aan de game toe te kennen, zodat spelers er weer lustig op los kunnen gaan jagen. Die smakelijke kers op de taart, wanneer je dat geluidje hoort als je een moeilijke baas hebt verslagen en je twintig punten bij je Gamerscore mag optellen (of dus een trophy krijgt), geldt helaas niet voor Dark Souls’ eerste officiële uitbreiding. 

De liefdesbrief van een meesteres
Alle pijlen wijzen naar het feit dat Artorias of the Abyss een ware ode is aan de echte Dark Souls fans onder ons. De mystieke wereld Oolacile zit volgepropt met interessante nieuwe gebieden, monsters, wapens en spreuken die erom schreeuwen ontdekt te worden. De tien uur durende weg die je bewandelt naar het eindpunt, is minstens zo gevaarlijk als memorabel. Sterker nog, deze content doet absoluut niet onder voor de werkelijk sublieme werelden in het originele spel. En dat is een waar compliment op zich. De afwezigheid van achievements en trophies kan worden gezien als een gemis, maar het is slechts een kleine wond op dit pijnlijk moeilijke spektakel dat de ontwikkelaar heeft afgeleverd. Ik hoop daarom oprecht dat deze liefdesbrief van From Software nog niet is opgehouden en we in de toekomst opnieuw snoeihard afgestraft mogen worden van de fouten die er ongetwijfeld in nieuwe werelden gemaakt zullen worden.

De Artorias of The Abyss DLC voor Dark Souls is sinds 24 augustus te spelen in de PC-versie van de game. De uitbreiding is echter pas sinds 26 oktober verkrijgbaar voor de Xbox 360 en PlayStation 3 en kost 1200 Microsoft Points / 14,99 euro. Deze recensie is gebaseerd op de Xbox 360-versie van Dark Souls. Een code van Artorias of the Abyss is aan ons verstrekt door uitgever Namco Bandai.

reacties
  1. Magnum Opus zegt:

    Oh hell yes dat ik deze ga spelen! Geweldige review, Erik. Dark Souls was misschien wel mijn GOTY van vorig jaar. Hoe meer van deze game hoe beter. Is er toevallig al nieuws van een nieuwe uitbreiding, dat je weet?

  2. Ertheadius zegt:

    Fantastische game. Hoorde deze week dat deeltje 2 eraan zit te komen. Dat wordt aftellen geblazen. Dag 1 aankoop!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s